Belikunst                                         

nachtvlinder

ze leeft, ze leeft, ze leeft
vederlicht in het lamplicht
en ze zweeft, ze zweeft
ze lacht naar jou en mij
en ze leeft, ze leeft, ze leeft

maar dan zijn er de dagen
de lange grauwe dagen van eindeloze tijd
je weet het niet, je kent haar niet
 je bent er niet de weg is kwijt
ze drijft, ze drijft, ze drijft  

terwijl de maan zich spiegelt
in een stille gracht
maar in de zomernachten schittert ze
in kunstlicht tot  een uur of vijf
ze leeft, ze leeft, ze leeft  

©Beli 2019




dat er niet is  


een kind

om van te houden

een kind dat groeit

en dat de dood

het halverwege

terug legt

in haar schoot

te erg om zelfs maar

uit te spreken

maar veilig toch


het onvoorstelbare

een kind

en dan

een kind

nog in het hoofd

onder de huid

over de tong

en overal

en dat het

zomaar ergens

tussen uit en thuis


en dat de wereld

dan nog steeds

haar dagelijkse

rondjes draait
en dat dat kind
er dan niet is

dat

is het ergste
dat er is

(c) Beli 2008/2019





meisje van vijftig


vandaag is het meisjesdag
gezichten stralen
flonkerwit van lach
ze zijn zo licht
van leven
als ze dansen
in hun vleugels
van prinsessen
meisjesdromen

neem meisjes neem
alsjeblieft je ruimte
en die van mij erbij
ach
neem vandaag maar alles
want alles hier mag op
zwier zwaai draai blij
gooi je rokken wijd
schijn licht
wees vrij

en geef je tranen maar aan mij
ik zal ze voor je dragen
maar kijk dan liever niet
ik zie te ver nog verder
dan ik reiken kan
er is teveel waarvan ik weet
dat het nog raken zal
je kraken zal
totdat het vlees
je botten verlaten zal

maar waarom zou ik treuren
waarom nu
terwijl heel de wereld zacht
naar alle meisjes lacht
zwier zwaai draai blij
gooi je rokken wijd
schijn licht
wees vrij

dan brengt de wijsheid vrede
en voor ik ben verdwenen
dans ik nog even met ze mee
en we zwieren zwaaien draaien blij
gooien rokken wijd

schijnen licht

zijn vrij


© Beli, 26 september 2005/2018




en in je ogen

en elke dag
in elke nacht van lood
is er gewikt gewogen
en al of niet is er
een laatste brief
totdat
het koord, de knoop
en ademloos de hemel open gaat
het eeuwig nu vangt aan
het wordt een blauwe dag
het zal nog even duren voordat
de eerste kraai zich horen laat

© Beli, 14-02-2018


moddergevecht met tanden


midden in de blubberplas

sta ik aan de vijver in het park

twee honden lusten elkaar rauw

de jouwe en de mijne

jij staat daar wat te gillen

met je rokje en je witte bloes

de handen hulpeloos geheven


wat moet zo’n tuttebel

toch met een peperbul

wie neemt er nou een vechthond

alleen maar voor de sier

wat is dat toch voor flauwekul


mijn hond weet wel van wanten

hij heeft het eerste beet

we staan nu vechtend in de modder

ik merk dat ik zelfs grom


al balancerend op een been

het andere trapt ballen

men moet een beetje creatief zijn

het is een noodgeval

hehe ik heb ze los

-de laatste truc die deed het-

en hijg nog even na


mijn monster kijkt tevreden

een plukje vacht nog aan zijn bek

waarlangs een straaltje bloed

dan zie ik in een oogwenk…

had die hond één oor…


vanaf vandaag toch wel

ik hoef niet meer te weten

en ga er eens vandoor

tot ziens maar weer

over tien jaar of zo

en sterkte nog met Goldie

voorlopig loop ik even om


© Beli 2005




de meerman

hij is de meerman, de man van meer en meer
de glimlach met een golfje watergate.
voor wie de lat steeds hoger ligt
die zijn talent met ieder deelt
maar van zichzelf het meest houdt
De man van meer
de meer man man

straks is hij minderman
hij zal worden verstild, verdampt, vergeten
een ander is dan meerman en hij
steeds minder  
hij is al minderman

© Beli 03-03-2019




kerstgedicht


de boom staat alweer

opgetuigd

en sterren flonkeren

door vensterglas

we proosten

nog een keer


op liefde vrede en

verbondenheid

dat kan omdat de

oorlog elders woedt

en midden op de tafel

ligt onze trots


een zwaargewicht

genekt, geplukt

en tot de strot gevuld

met zaligheden

en daarna keurig

als we zijn


weer dichtgenaaid

wij zitten heel

gezellig bij elkaar

de rode wijn gaat

klinkend rond

ons jaarlijks offerdier


© Beli 2006







aarden

je pakt een steen
en weegt hem in je hand
dan werp je hem
en ziet

hoe kring na kring
de spiegel breekt
de hele vijver weet
dat jij hier was
dat is pas macht
dan kan je wat

of denk heel hard
er ìs geen water
totdat het water wijken zal
en wijkt het niet
je leert toch wat

je kan ook elke dag
in alle rust
een uurtje komen dromen
gewoon wat zitten
aan de kant

pak dan als je bent uitgerust
opnieuw een kiezelsteen
houd hem in je hand
en wordt de steen
je voelt hoe tijd
heel zacht

maar onomkeerbaar
door te stromen
je scherpe kanten slijt
dan ben je af
en is het tijd
om thuis te komen


©Beli 15-5-2006




jij lijk

beneveld

in een krans van licht
ligt maanoog blind
een eeuwig paarsblauw
dat duurt en duurt
en maar niet

donkerder wil worden

het is de eerste nacht
na precies de eerste dag
van de tweede hittevlaag

je hebt gewacht en nagedacht
het zal nog even duren
voor de eerste haan kraait

later als je bent opgestraald

het koord is weggehaald
glanzen nog steeds halfopen
je ogen onder de kille lamp
ze stralen donkerte
jijzelf ligt er koeltjes bij
je lijk triomfantelijk
voor altijd deel van mij


©Beli  21-2-2008



er wordt gestorven


te jong en

nauwelijks ontloken

of reeds

het leven moe


elke dag

wordt er gestorven

de vraag waarom

doet er niet toe


© Beli 2008




tramlijn


een vrouw draagt de vroege morgen
in gouden zonlicht en met
haar borsten in de handen
de zwaartekracht trotserend
rent ze en vecht zich door het leven
op spitse punten naar een deur
die sissend openspringt

waarop een man genageld
aan de instaptree
het hoofd bij lange na niet helder nog
verstrikt raakt in zijn eigen vragen
hoe vlees en vrouw
zo los omspannen
toch bijeen gehouden blijven
en hoe smalle hoge hakken
de hele dame dragen

©Beli